76 – 77

Bouwjaar: 1882 (voorhuis)

Over de originele bouwaanvraag beschikken we niet. Maar de bewoner A.J. Voermans vraagt in 1881 aan de Leidse Gemeenteraad of hij bomen mag rooien om zijn woning te vergroten:

Voermans is dus een volhouder, maar krijgt zijn zin niet. Uit de reactie van de Commissie van Fabricage (een adviescie. van de gemeenteraad) blijkt dat het voorhuis inmiddels is gebouwd. Uiteindelijk mag hij wel een stoep aanleggen, maar geen bomen rooien, hoewel dit de verhuur van zijn bovenwoning bemoeilijkt.

Adrianus Voermans woonde in 1877 nog met zijn vrouw Johanna Goddijn in Leiderdorp.

De nummers 76/76a en 77/77a zijn zeer vervlochten. Het geheel bestaat uit een achterhuis, over de breedte van de twee percelen, en een er tegenaan gebouwd voorhuis van dezelfde breedte. Het bovenstaande verzoek doet vermoeden dat dit voorhuis rond 1882 is gebouwd en dat het achterhuis ouder is. Bij de bouw van het voorhuis is dan vermoedelijk een splitsing in twee dubbele (beneden/boven) woningen aangebracht.

Bij de verlening van de bouwvergunning van de nrs 78/79, uit 1889 werd de volgende schets aangetroffen:

Uit de bijgeschreven getallen valt af te leiden dat de tekening niet op schaal is, maar ook de getallen zelf roepen nog wel wat vragen op. Dat geldt ook voor de stadsplattegrond van Van Kampen uit 1899.

Adriaan Voermans heeft in deze panden een kruidenierswinkel en een drankenhandel (annex café) geëxploiteerd. Of de gewenste veranda aan de voorzijde er ooit is gekomen, is onduidelijk.

In 1900 werden de panden 74, 75, 76/76A en 77/77A (resp. oude nrs 56, 55, 54 en 53) tegelijkertijd geveild. Dat bevestigt dat ze dezelfde eigenaar hadden.